De Adelaarshorst ligt aan de Vetkampstraat, midden tussen de huizen in Deventer-Oost. Dat is charmant om te zien en lastig om te bereiken met de auto. Met een beetje planning vooraf is de reis er heen juist heel eenvoudig.
Met de trein
Station Deventer ligt op loopafstand van het stadion. Je wandelt er in ongeveer twintig minuten naartoe, dwars door de rand van de binnenstad. Op wedstrijddagen hoef je de weg meestal niet te vragen, want je loopt vanzelf mee met de stroom.
Voor bezoekers van buiten de stad is dit veruit de rustigste optie. Je hebt geen last van de drukte op de uitvalswegen en na afloop sta je niet in een file uit de wijk.
Met de fiets
Deventer is een fietsstad en het stadion is vanuit vrijwel elke wijk in een kwartier te bereiken. Rond het stadion staan op wedstrijddagen veel fietsen, dus kom op tijd als je een plek in een rek wilt.
Zet je fiets niet tegen gevels, in uitritten of voor voordeuren. De straten daar zijn smal en bewoners moeten er gewoon langs kunnen. Een goed slot is geen overbodige luxe.
Fietsen stallen
Bij het station en op verschillende plekken in de binnenstad zijn bewaakte stallingen. Kom je van verder weg met de trein en pak je daarna een deelfiets of een leenfiets, dan is dat het handigste vertrekpunt.
Met de auto
Rond het stadion zelf is nauwelijks parkeerruimte. De club stuurt automobilisten daarom met eigen bewegwijzering naar de parkeerplaats P2 achter Hogeschool Saxion, bereikbaar via de Berkelweg. Vanaf daar loop je via de Veentunnel in een paar minuten naar het stadion.
Volg die bewegwijzering ook echt. Wie op eigen houtje de wijk in rijdt, komt vaak vast te zitten in doodlopende straten of tussen voetgangers die richting de ingang lopen.
Parkeergarages in het centrum
Er zijn ook betaalde garages op loopafstand, zoals de Beestenmarkt en het Stationsplein. Die combineren goed met een bezoek aan de binnenstad vooraf, bijvoorbeeld als je ergens wilt eten voordat je naar het stadion loopt.
Houd er rekening mee dat garages in het centrum op een drukke zaterdag ook door winkelend publiek worden gebruikt. Vroeg komen scheelt zoeken.
Combineren met de binnenstad
Wie toch met de auto komt, kan er beter iets van maken. De binnenstad van Deventer ligt tussen het station en het stadion in, met horeca rond de Brink en de Grote Kerkhof. Parkeer in een garage in het centrum, eet daar iets en loop het laatste stuk. Zo vermijd je zowel de drukte voor als na de wedstrijd.
Dat werkt vooral goed bij avondwedstrijden. Je hebt dan ruim de tijd, de garages zijn na winkelsluiting rustiger en je staat na afloop niet in de rij bij een uitgang die door duizend mensen tegelijk wordt gebruikt.
In de woonwijk rond het stadion
De straten in de directe omgeving zijn niet gebouwd op duizenden bezoekers. Let op de borden, want er gelden op verschillende plekken beperkingen, en parkeer nooit half op de stoep of voor een inrit.
Bewoners in de Vetkampstraat en de omliggende straten hebben elke thuiswedstrijd te maken met bezoek. Een beetje rekening houden maakt het voor iedereen prettiger.
Met minder mobiliteit
Het stadion en de omgeving zijn oud en dat merk je aan de trappen, de stoepen en de smalle doorgangen. Wie slecht ter been is of een rolstoel gebruikt, kan het beste vooraf contact opnemen met de club over de mogelijkheden en de dichtstbijzijnde plek om af te zetten.
Na afloop
Direct na het laatste fluitsignaal lopen alle uitgangen tegelijk leeg. Als je met de auto komt, is het vaak sneller om eerst even iets te drinken en pas daarna terug te lopen naar de parkeerplaats. Wie met de trein gaat, doet er goed aan de vertrektijden van tevoren te bekijken, want het perron is direct na de wedstrijd het drukste punt van de stad.
De vuistregel is simpel. Trein of fiets als het kan, en anders auto naar de aangewezen parkeerplaats en het laatste stuk lopend. Wie dat aanhoudt, staat ruim voor de aftrap ontspannen op zijn plek.


